1. Investeer in de ontwikkeling, promotie en toepassing van (geo-)standaarden, specificaties en technische richtlijnen voor data en GDI-diensten. Spendeer vooral aandacht aan een goede datamodellering volgens de ISO-reeks van standaarden.
2. Maak gebruik van de flexibiliteit die voorzien is in de open (geo-)standaarden.
3. Laat toe dat geografische data stromen naar derden voor eender welk gebruik en regel dat via standaardlicenties.
4. Pas de privacyregels toe op een manier die de toegankelijkheid van data, het innovatief gebruik en de creatie van toegevoegde waarde niet in de weg staat.
5. Hanteer een consistent en duidelijk kostenbeleid.
6. Definieer de belangrijkste geografische kerndata, bepaal de authentieke bronhouders voor deze data, en stimuleer het gebruik van deze data in administratieve processen.
7. Streef naar een optimale afstemming tussen de taken en activiteiten van de betrokken organisaties binnen het netwerk in functie van een coherent GDI-beleid.
8. Stimuleer en ondersteun de deelname van kleinere en grotere gemeenten als volwaardige knooppunten aan de GDI in Vlaanderen.
9. Waak erover dat de overkoepelende doelstellingen van het GDI-netwerk afgestemd blijven op het voldoen van de specifieke objectieven en behoeften van de GDI-deelnemers.
10. Koppel binnen je organisatie de implementatie van GDI-gerichte GIS aan strategische organisatieontwikkeling.
11. Beschouw de ontwikkelingen van de GDI in Vlaanderen en de initiatieven op het vlak van E-government niet als twee werelden, maar creëer synergie en integreer de netwerken.
12. Laat naast data ook kennis stromen over het GDI-netwerk en stimuleer de kennis- onderwijsinstellingen om zich te engageren als knooppunten van de geografische kennisinfrastructuur.
Netwerktheorie is nuttig om GDI te conceptualiseren. Uit het Spatialist-onderzoek blijkt dat we de GDI in Vlaanderen kunnen beschouwen als een netwerk waarin de knooppunten organisaties voorstellen die onderling verbonden zijn door stroombanen voor data. Omdat binnen deze knooppunten data eveneens kunnen stromen tussen deelorganisaties, is er sprake van een hiërarchie van netwerken. De kenmerken van het hoofdnetwerk en zijn knooppunten en van de deelnetwerken en de deelorganisaties leiden tot netwerkweerstanden in termen van snelheid, moeite, of kost van de datastromen. Om de efficiëntie en effectiviteit van het GDI-netwerk in Vlaanderen te verhogen moet gestreefd worden naar lagere weerstand voor de datastromen, te beginnen met deze van de belangrijkste geografische kerndata. Op deze manier zullen organisaties op een makkelijkere manier geografische data kunnen uitwisselen en gebruiken. Vanuit deze optiek leidde het Spatialist-onderzoek tot de volgende aanbevelingen voor de ontwikkeling van een meer slagkrachtige GDI met optimale doorstroming in Vlaanderen:
Standaardisatie
1. Investeer in de ontwikkeling, promotie en toepassing van (geo-)standaarden, specificaties en technische richtlijnen voor data en GDI-diensten. Spendeer vooral aandacht aan een goede datamodellering volgens de ISO-reeks van standaarden. Alleen met voldoende aandacht voor standaardisatie kan Vlaanderen aan de top van de GDI-evoluties (blijven) staan. Investering in de ontwikkeling van standaarden (bv. door middel van test beds) en implementatie verdient zich dubbel terug door de toename van het dataverkeer en de creatie van toegevoegde waarde. De toepassing van gestandaardiseerde datamodellen is van doorslaggevend belang. Zij hebben immers een positief effect op alle organisaties die in één of meerdere werkprocessen met deze geografische data aan de slag gaan.
2. Maak gebruik van de flexibiliteit die voorzien is in de open (geo-)standaarden. Dit laat toe de standaarden, specificaties en technische richtlijnen zo te formuleren dat een flexibele GDI kan opgebouwd worden die is afgestemd op de concrete noden van grote groepen gebruikers in een brede waaier van processen.
Gebruik & Privacy
3. Laat toe dat geografische data stromen naar derden voor eender welk gebruik en regel dat via standaardlicenties. Hierdoor schep je voor de private sector de mogelijkheid voor het genereren van toegevoegde economische waarde en voor de samenleving de mogelijkheid voor het genereren van bijkomende maatschappelijke waarde. Uitzonderingen op de algemene beschikbaarheid van data moeten op een transparante manier worden gecommuniceerd en gemotiveerd.
4. Pas de privacyregels toe op een manier die de toegankelijkheid van data, het innovatief gebruik en de creatie van toegevoegde waarde niet in de weg staat. Zorg voor meer evenwicht tussen privacy en openbaarheid. Door het combineren van de privacycommissie en de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur in één instantie kan belangrijke vooruitgang geboekt worden.
Kostenbeleid
5. Hanteer een consistent en duidelijk kostenbeleid. Het produceren en beheren van geografische data en services zijn immers niet kostenvrij, dus moet het delen van geografische data ook gepaard moeten gaan met het delen van de kosten. Dit kan gebeuren door een abonnementensysteem in te voeren waarbij de gebruikers in het GDI netwerk een bijdrage betalen die berekend is op basis van het effectieve gebruik van data.
Coördinatie & Taakverdeling
6. Definieer de geografische kerndata, bepaal de authentieke bronhouders voor deze data, en stimuleer het gebruik van deze data in administratieve processen. Het bepalen van authentieke databronnen dient daarbij te gebeuren op basis van principes als unieke dataverzameling en ‘data-bij-de-bron’. Deze principes zullen bijdragen aan het beschikbaar maken van meer actuele data.
7. Streef naar een optimale afstemming tussen de taken en activiteiten van de betrokken organisaties binnen het netwerk. Durf de traditionele hiërarchische paden daarbij te verlaten, en laat ruimte voor nieuwe vormen van coördinatie op basis van marktwerking of netwerken. Zorg dat deze verschillende vormen van coördinatie elkaar aanvullen in plaats van elkaar tegenwerken.
8. Stimuleer en ondersteun de deelname van kleinere en grotere gemeenten als volwaardige knooppunten aan de GDI in Vlaanderen. Kleinere en grotere steden en gemeenten moeten evenwaardig kunnen deelnemen aan de GDI in Vlaanderen. Dat kan door ondersteuning en kennisuitwisseling binnen provinciale of intergemeentelijke samenwerkingsverbanden. Deze kunnen bijdragen tot een versterkte participatie van zowel grote als kleinere gemeenten aan de GDI.
Doelstellingen & Organisatie
9. Waak erover dat de overkoepelende doelstellingen van het GDI-netwerk. zoals vervat in de missie van GDI-Vlaanderen, en vertaald in strategische beleidsbeslissingen, het GDI-plan en het jaarlijkse GDI-uitvoeringsplan, afgestemd blijven op het voldoen van de specifieke objectieven en behoeften van de GDI-deelnemers. Een GDI heeft een ondersteunend karakter, en de belangen van de GDI-deelnemers gaan voor de glorie van het GDI apparaat.
10. Koppel binnen je organisatie de implementatie van GDI-gerichte GIS aan strategische organisatieontwikkeling. Vertrek vanuit de missie en kerntaken van de organisatie om op basis van moderne organisatieprincipes taken te herverdelen, samenwerking te organiseren, processen te optimaliseren, en ga na hoe geografische data hier een rol in kan spelen.
11. Beschouw de ontwikkelingen van de GDI in Vlaanderen en de initiatieven op het vlak van E-government niet als twee werelden, maar creëer synergie en integreer de netwerken. De doelstellingen van een GDI sluiten immers nauw aan bij de doelstellingen van E-government.
Kennisontwikkeling
12. Laat naast data ook kennis stromen over het GDI-netwerk en stimuleer de kennis- onderwijsinstellingen om zich te engageren als knooppunten van de geografische kennisinfrastructuur.